Het mooiste wat je voor iemand kunt doen, is er zijn. En dan lijk je een beetje op God! God is erbij: dat is de toekomst, en je krijgt er al een voorproef van.
Inleiding
Afgelopen maand kwam er een nieuw lied uit van Sela: ‘de mensen die we missen.’ Ik vind dat mooi gekozen woorden: ‘de mensen die we missen.’ Vandaag staan we stil bij deze mensen. Mensen met wie we ons leven gedeeld hebben, met wie we hebben gelachen en gehuild, mensen die we hebben liefgehad, maar van wie we afscheid moesten nemen. De mensen die we missen.
Een plek waar dat afscheid vaak wordt genomen, is het hospice. Ik heb E gevraagd vandaag iets te vertellen over het vrijwilligerswerk dat zij in een hospice doet.
Interview met E:
vrijwilligerswerk in een hospice: wat houdt dat in?
hoe ziet een ‘dienst’ eruit?
wat motiveert je om dit werk te doen?
wat is je mooiste herinnering in het hospice?
Het mooiste wat je voor iemand kunt doen, is er zijn. Volgens mij is dat waar het in een hospice uiteindelijk op neerkomt: er gewoon met mensen zijn, zodat ze niet alleen hoeven te zijn. Veel belangrijker dan alles wat je kunt doen, is dat je er bent. En als je er zo bent, dan lijk je een beetje op God! Want voor God geldt het ook: hij is erbij. Het is zelfs zijn naam: JHWH, ‘Ik Ben’, en Immanuël, ‘God met ons’. God is erbij – in ons verdriet om de mensen die we missen. Maar vandaag wil ik met jullie nog een stapje verder kijken. Uit Openbaring 21 wil ik jullie 2 schitterende lichtpunten laten zien van de toekomst waarin God bij ons komt wonen, en hoe we daar vandaag al een voorproefje van mogen krijgen. Laten we eerst lezen: Openbaring 21:1-4 en 9-23.
1. Nieuw Jeruzalem
Het bijbelboek Openbaring is geschreven door Johannes, een vriend van Jezus. Als hij dit schrijft zit hij op Patmos. Tegenwoordig een geliefde toeristische bestemming in de Egeïsche zee, maar toen een strafkolonie van de Romeinen. Overal waar hij kwam, vertelde Johannes over Jezus, en daarmee heeft hij de verkeerde mensen tegen zich in het harnas gejaagd: daarom slijt hij zijn dagen nu hier.
Daar, op Patmos, krijgt Johannes visioenen, die hij in het boek Openbaring heeft opgeschreven. Het zijn misschien niet de makkelijkste hoofdstukken uit de bijbel -en daarmee druk ik me nog heel voorzichtig uit- maar het zijn óók heel bemoedigende hoofdstukken. In die visioenen krijgt Johannes een blik achter de schermen, ziet hij iets van Gods werkelijkheid én van waar het uiteindelijk op uitloopt. Daarmee komen we in Openbaring 21. Dit visioen is de grote finale: in dit visioen gaat het over Gods toekomst, over waar de hele geschiedenis van de wereld op uitloopt – het nieuwe Jeruzalem.
Het is een visioen dat mooi past bij vandaag, als we denken aan de mensen die we missen. Soms mag ik erbij zijn in die laatste fase van iemands leven. Heel intense momenten zijn dat. Als ik voel dat het wel eens de laatste keer zou kunnen zijn dat ik iemand zie, neem ik vaak afscheid met deze woorden: ‘tot ziens – misschien hier, en anders in Nieuw Jeruzalem.’
2. God komt bij ons wonen
Wat maakt die toekomst, wat maakt Nieuw Jeruzalem, zo mooi? Ik had jullie 2 lichtpunten uit Openbaring 21 beloofd, dus tijd om die belofte in te lossen. Lichtpunt 1 is deze: God is erbij! Als ik moet kiezen wat het mooiste is van dit visioen, dan is dat niet dat deze stad ongetwijfeld alle architectuurprijzen wint, maar dan is het wat in vers 3 staat: ‘Gods woonplaats is onder de mensen, hij zal bij hen wonen.’ Het hoogtepunt van dit hele visioen is dat er in Nieuw Jeruzalem geen enkele afstand meer is tussen ons en God: God komt bij ons wonen – daar ben je altijd in zijn aanwezigheid.
Ik denk dat het moeilijk is om te overschatten hoe belangrijk het is om er gewoon te zijn. Als vrijwilliger in een hospice kun je weinig meer doen dan er gewoon zijn, maar wat is dat dan waardevol! Of neem woonzorgcentra voor ouderen: wanneer krijgen die de hoogste waardering? Volgens mij niet als ze een fantastische keuken hebben, of als ze een warm ingerichte gezamenlijke woonkamer hebben, of als ze het beste medisch personeel hebben rondlopen. Het zijn allemaal belangrijke dingen, maar het belangrijkste is een persoonlijke benadering. Dat je geen klant bent die een product afneemt, maar een mens. Ik weet dat heel veel mensen in de zorg dat graag zouden willen bieden, maar afknappen op dat ze slechts de tijd krijgen voor de hoogstnoodzakelijke dingen, daarvan dan ook nog een verslagje in hun tablet moeten maken, en dan weer door naar de volgende… We hebben het ‘er zijn’ vaak wegbezuinigd…
Maar ik geloof dus dat er niets mooier is dan ‘er zijn’. Als er dus staat dat God ‘er is’ – dan is dat het hoogtepunt. In de hele bijbel wordt daar al naar uitgekeken, en in Openbaring 21 zie je daar echo’s van. 2 Wil ik er nu uitlichten. Als in Openbaring 21 staat dat Gods ‘woonplaats’ onder de mensen is, kun je ook vertalen dat Gods ‘tent’ onder de mensen is. Het is een echo van de tabernakel, de tent die Mozes in de woestijn heeft laten maken, als plek waar God bij zijn volk woonde.
Het andere is de tempel: die is er in Nieuw Jeruzalem niet. Terwijl juist de tempel de plek was waar God woont. Maar die tempel is niet meer nodig. De vorm van de stad vertelt het al. Als Johannes in zijn visioen door een engel wordt rondgeleid, meet de engel de stad, die uit de hemel steeds dichterbij komt, op. ‘Twaalfduizend stadie’, dat is zo’n 2300 kilometer, ‘zowel in de lengte als in de breedte en in de hoogte.’ Dus: deze stad is een gigantische kubus! En een kubus, dat is dan weer precies de vorm van het allerheiligste van de oude tempel – de ruimte van de tempel waar God woonde! En dan die afmetingen:
een vierkant van 2300 bij 2300 kilometer, dat is ongeveer van Zaandam naar Sint Petersburg, vandaar door naar Istanbul, om via Madrid terug te gaan naar Zaandam. Dat is zo ongeveer de oppervlakte van de toen bekende wereld. Er komt dus een kubus zo groot als de wereld naar beneden: dat is symbool voor dat God werkelijk overal aanwezig is.
Ja, dat gaat over de toekomst. Maar dat God erbij is, is niet alleen voor straks. Dán kun je niet meer om Gods aanwezigheid heen, maar ook nu is hij erbij – dat is zijn naam. Soms mag je dat even extra ervaren, en zo een voorproefje krijgen van die toekomst. Juist ook als je verdrietig bent. Misschien ken je die ervaring ook wel, dat je afscheid moet nemen van iemand die gaat sterven, en dat je heel verdrietig bent, maar dat Gód ook heel dichtbij is. Toen wij in 2015 zo afscheid moesten nemen van mijn schoonvader, hebben we samen een paar christelijke liederen gezongen. Ik moet bekennen dat ik het einde van die liederen niet eens haalde door een enorme brok in mijn keel, maar wat was God daarin dichtbij.
Dat brengt me direct bij het 2e lichtpunt: God zal al onze tranen drogen. Nu zijn die tranen er nog volop. Een dienst als die van vandaag kan ze zelfs weer oproepen: tranen waarvan je dacht dat ze een beetje opgedroogd waren beginnen toch weer te stromen. En dat is niets om je voor te schamen: tranen zijn mooi! Tranen zijn een uiting van liefde voor iemand die je mist en van verlangen naar een wereld zonder afscheid.
En die wereld komt: in de toekomst waarin God onder ons komt wonen, is geen ruimte meer voor dood, voor rouw en voor pijn. Waar God in al zijn glorie aanwezig is, kunnen deze dingen gewoon niet meer bestaan! Nu zijn er nog tranen omdat je mensen blijft missen, misschien al wel 50 jaar. Maar dan is er geen dood meer, moet de dood de mensen die wij missen teruggeven, en is er dus geen reden meer om te huilen.
Geen tranen meer – dát is echt iets voor de toekomst. Maar als je verdrietig bent, als je mensen mist, dan ben je niet alleen. God wil bij je komen zitten en je troosten met zijn aanwezigheid. En als je dat merkt, dan krijg je al een voorproefje van die ultieme troost, en mag er hoop doorbreken in je verdriet.
3. Teken van aanwezigheid
God komt bij ons wonen, dat is de toekomst die Johannes ziet, en ook nu al mag je iets ervaren van dat God erbij is en je troost. Dat klinkt mooi, maar misschien zit je hier wel met je verdriet, en voelt God voor jou helemaal niet zo dichtbij. Misschien dat het je dan kan helpen om zo een kaarsje aan te steken. De vlammetjes van de kaarsjes staan namelijk symbool voor Gods aanwezigheid. In de bijbel is vuur vaak een teken van dat God erbij is. Als je zo een kaarsje aansteekt, voel dan even de warmte van het vuur. Wat ik je toewens is dat je mag opmerken dat hij er is, dat hij in je verdriet naast je komt staan, en dat zijn aanwezigheid je nieuwe kracht geeft. Want God is erbij. Amen.
