Psalm 90 is een klassieke Psalm voor de oudejaarsavond. Maar de Psalm is meer dan nostalgisch: hij daagt ook uit om onder ogen te zien dat je een aandeel hebt in de problemen van dit jaar. Kun jij met die wijsheid je dagen tellen?
Ik wil kort met jullie stilstaan bij Psalm 90 – een klassieke Psalm voor oudejaarsavond. Eigenlijk had ik al een preekje in mijn hoofd zitten zonder dat ik de Psalm goed had gelezen. Ik dacht dat het een Psalm was die wel goed aansluit bij het sentimentele gevoel van de oudejaarsavond. Want het is toch een beetje zo’n moment van de balans opmaken, van terugdenken aan hoogtepunten en dieptepunten van dit jaar, en de verplichte verzuchting dat de tijd alleen maar sneller lijkt te gaan. Ik luister op oudejaarsavond graag naar Daniël Lohues met z’n ‘tik tak, daor giet de tied, aal mar harder, tik tak zie hoe ‘e giet, weer ’n jaor’. Ik kan m’n Drentse wortels niet helemaal verbloemen.
Psalm 90 lijkt wel bij dat gevoel aan te sluiten, met bijvoorbeeld vers 10: ’70 jaar duren onze dagen, of 80 als we sterk zijn (…) het gaat snel voorbij en wij vliegen heen.’ Dát is het gevoel van de oudejaarsavond. En daar tegenover staat dan God, die niet gevangen zit in de tijd, zoals in vers 2 wordt gezegd: ‘u bent, o God, van eeuwigheid tot eeuwigheid.’ En dan krijg je een preek over Gods licht, het licht van de eeuwigheid, over onze tijd. En het is zeker goed te beseffen hoe klein wij zijn, hoe weinig wij voorstellen – maar dat we gelukkig een God hebben die veel groter is! En dat was dus het preekje dat ik in gedachten had.
Maar toen ging ik Psalm 90 eens goed lezen. En eigenlijk had ik maar de helft van Psalm 90 goed in mijn hoofd. Want de Psalm is toch niet zo sentimenteel als ik dacht – hij is veel rauwer en eerlijker. Het gaat best uitgebreid over Gods woede en straf en onze zonden. Niet heel gezellige dingen voor een oudejaarsavond… Maar wel belangrijk! In Psalm 90 wordt namelijk eerlijk teruggekeken. Het gaat over de problemen waar Israël in zit. En in plaats van druk om zich heen te wijzen, overal schuldigen aan te wijzen en jezelf buiten schot te plaatsen, moet Israël in Psalm 90 juist kritisch naar zichzelf kijken. Om te leren dat hun problemen een gevolg zijn van hun eigen zonde en van Gods straf daarop.
Nu denk ik niet dat wij dat allemaal 1 op 1 moeten doortrekken naar 2025. Alsof al onze problemen een straf van God zijn op onze zonden. Ik geloof dat God door Jezus nu anders met straf omgaat – Jezus heeft ons juist vrijgekocht van Gods straf. Tegelijk moeten we ook eerlijk zijn over onszelf. Je kunt je best zorgen maken over allerlei ontwikkelingen van het afgelopen jaar. Het gevoel van onzekerheid is groter geworden. De overheid adviseert ons zelfs om noodpakketten in huis te hebben. De situatie in de wereld is dreigend, er worden bloedige oorlogen uitgevochten, we zijn onmachtig om iets te doen aan dreigende klimaatrampen en intussen bestoken we elkaar in cultuuroorlogen. Het is niet gek als dat je onzeker maakt.
Maar Psalm 90 daagt je dan uit om eerlijk naar jezelf te kijken. Hoe komt die wereld zo? Wat zegt dat over onszelf? Heeft dat niet alles te maken met hoe we zelf leven? Met hoe wij als God willen zijn, met hoe wij niets tekort willen komen, maar altijd meer willen? Als ik Psalm 90 eerlijk lees, weet ik: ik ben niet onschuldig.
En dan komt het wat mij betreft mooiste vers van de Psalm, vers 12: ‘leer ons zo onze dagen te tellen dat wijsheid ons hart vervult.’ Wijsheid: dat heeft alles te maken met weten wie je bent. Met weten van je kwetsbaarheid en schuld. En daar dan eerlijke lessen uit te trekken. Wijs leven is mild zijn naar de ander en streng naar jezelf – omdat je hebt ontdekt dat God ook oneindig mild naar jou is. Want het slot van Psalm 90, het gebed om genade, is in Jezus werkelijkheid geworden. In Jezus hebben we Gods genade gezien, worden we vervuld van Gods liefde, en kunnen we van blijdschap juichen. Tel zo je dagen, ook in 2026: in het besef dat je van genade leeft. Dan ben je wijs! Amen.
