Nehemia 6 – Samen bouwen: focussen

Inleiding

Vroeger, en ik weet dat ik nu als een oude man begin te klinken, vroeger kon ik uren achter elkaar een boek lezen. Ik las ook minstens een boek per week. Maar ik kan het niet meer. Na 10 bladzijden kijk ik toch weer op mijn telefoon of ik nog berichten heb gemist. Vervolgens klaag ik dat het boek me nog niet echt gegrepen heeft – alsof het de schuld van de schrijver is dat ik zo snel afgeleid ben. En dan gaat toch Netflix maar weer aan. Het kan nu zomaar 3 maanden duren voor ik een boek uit heb. Alleen op vakantie lukt het me nog meer boeken in een week te lezen.

Op scholen merken ze dat ook. Ik was laatst op een ouderavond van het Zaanlands Lyceum over het ‘thuis of kluis’-beleid voor telefoons. Dat scheelt afleiding, maar maakt de school ook veel gezelliger! Maar, daar werden we als ouders op gewezen, thuis bij het huiswerk ligt die telefoon er wel. En huiswerk maken, of een preek schrijven, gaat niet zo goed met een telefoon onder handbereik die steeds om aandacht bedelt.

Even peilen: wie van jullie heeft z’n telefoon nu bij zich? Je kunt je telefoon in de kerk prima gebruiken. Voor de collecte, of om de bijbeltekst op te zoeken. Maar als je je telefoon pakt om de bijbelapp te openen, of de Zaankerk-app, zie je ook direct alle andere apps om aandacht smeken. Zie dan maar eens met je aandacht hier te blijven… En dat bedoel ik niet als een oordeel, maar als illustratie: afleiding is overal.

Afleiding is niet altijd slecht. Dat ik minder boeken lees – wat kan het schelen. Maar vandaag gaat het over een specifiekere afleiding: afgeleid worden van God en van wat God wil. Daarmee krijgt Nehemia te maken als de bouw van een muur om Jeruzalem bijna klaar is. Thema vandaag is: samen bouwen – focussen. We lezen eerst Nehemia 6:1-16.

Tegenwerking

Het blijft maar rommelen in Nehemia. De titel van deze prekenserie over Nehemia is ‘samen bouwen’. Maar we zijn nog maar 1 hoofdstuk tegengekomen waar de mensen echt lekker samen aan het bouwen zijn – dat was hoofdstuk 3. De hoofdstukken 1 en 2 gingen over de voorbereiding, en vanaf hoofdstuk 4, vanaf dat de bouw serieus bezig is, gaat het over alle tegenwerking die ze tijdens de bouw ervaren. In hoofdstuk 4 is dat van buitenaf, van vijanden die een aanslag voorbereiden op de muur en de bouwers, en in hoofdstuk 5 komt de dreiging zelfs van binnenuit, als de samenwerking en het gevoel van bij elkaar horen bijna wordt opgeblazen door een gebrek aan solidariteit. En dat is logisch: waar mensen bouwen voor God, waar mensen er hun schouders onder zetten om mee te doen in Gods missie, waar mensen enthousiast worden voor Gods koninkrijk en Gods plan en Gods wil, daar zal de vijand, de Satan, dat altijd proberen tegen te werken.

En het houdt maar niet op. Vandaag weer een hoofdstuk over tegenwerking. Ondanks alle gedoe die er was, is er in de afgelopen hoofdstukken flink doorgebouwd. De muur is nu bijna klaar – alleen de poorten moeten nog geplaatst worden. En weer probeert de vijand de boel te saboteren.

Focus op God

Maar deze keer kiest hij een andere tactiek: niet de frontale aanval, maar veel subtielere en listiger. Zijn doel: angst en verwarring zaaien, en daarmee afleiden van het werk.

Het begint met misleiding: Nehemia wordt uitgenodigd voor een overleg met zijn belangrijkste tegenstanders. Dat klinkt misschien best als een goed idee, maar het is een valstrik. De bedoeling is om Nehemia uit Jeruzalem weg te lokken, hem te ontvoeren, waarschijnlijk zelfs vermoorden, waardoor het volk zonder leider blijft zitten.

Als dat plan mislukt, treedt plan B in werking: een lastercampagne tegen Nehemia. Ze verzinnen een verhaal over Nehemia’s ambities, verspreiden het gerucht dat Nehemia zich tot koning wil laten uitroepen, en daarmee in opstand komt tegen de echte koning – de Perzische Artaxerxes. De brief met de beschuldigingen is niet verzegeld – iedereen moet het horen. Via elk kanaal wordt Nehemia neergezet als iemand die een staatsgreep plant. En subtiel staat er bij: ‘pas toch op, Nehemia, de koning zal dat ook horen – dus laten we toch eens overleggen.’

Maar Nehemia buigt niet, en plan C treedt in werking: ze kopen een paar profeten die Nehemia bang moeten maken en hem aanmoedigen te vluchten naar het binnenste van de tempel, een plek waar Nehemia niet mocht komen. En weer doorziet Nehemia wat er gebeurt.

Het draait allemaal om angst en verwarring. Zoals Nehemia zegt: ‘ze waren er allemaal op uit ons bang te maken, zodat we het werk zouden opgeven.’ En dat blijft maar komen, steeds wordt Nehemia uit zijn werk gehaald, moet hij weer een statement op X zetten, of een persconferentie beleggen om te reageren op alle onzin die over hem rondgaat.

Angst en verwarring zijn beproefde tactieken van de vijand. En als hij slaagt wordt je geloof oppervlakkig en gaat de kerk zielloos verder op de automatische piloot. Langslepende discussies over bijzaken in de kerk – de vijand vind het fantastisch! Een kerkenraad die geen tijd heeft voor geestelijke leiderschap – hij geniet ervan! Of persoonlijk: je wilt best voor God leven, maar je verdrinkt in alle afleiding die overal is, of in alle onzin die op internet over geloven verspreid wordt.

Maar bij Nehemia heeft de vijand geen succes! Nehemia is niet af te leiden – hij blijft gefocust op God. Want Nehemia is meer onder de indruk van God dan van zijn vijanden. Hij ‘vreest’ niet zijn vijanden, maar hij ‘vreest’ God. In de bijbelvertaling die we hier in de kerk gebruiken, wordt dat ‘ontzag genoemd – en wat mij betreft terecht. Het gaat er niet om dat we bang moeten zijn voor God. Maar in het Hebreeuws is het hetzelfde woord: bang zijn voor mensen en ontzag hebben voor God. Wie onder de indruk is van God, raakt minder snel geïntimideerd door mensen.

Voor God hoef je niet bang te zijn, maar hij is wel overweldigend! Je kunt van God een vriendelijke therapeut maken die jou in je kracht zet enzo, maar God is vooral heel anders dan jij, zo groot, zo goed, zo heilig dat het je overweldigt.

Ik lag deze herfstvakantie op een duin op Terschelling, op een donkere maar heldere avond. Als je dat in je eigen achtertuin doet, zie je niet zoveel, daarvoor is er teveel kunstlicht overal, maar daar is het écht donker. En dan zie je de sterren, onvoorstelbaar veel, en je ontdekt steeds nieuwe. Toen ik daar lag op mijn rug, nadat ik klaar was met mijn pogingen het op de foto te krijgen, en ik die sterrenhemel eens goed op me liet inwerken, besefte ik weer hoe klein en onbelangrijk ik eigenlijk ben – en wat een wonder het is dat God mij, en jou, niet onbelangrijk vindt!

Dát besef geeft Nehemia zijn focus. God is voor Nehemia veel indrukwekkender dan mensen. En in theorie weet ik wel dat God groter is. Maar in de praktijk… Ben je onder de indruk van God, is hij een levende realiteit in je leven, of is je telefoon stiekem interessanter? Ik ben dit jaar bijvoorbeeld behoorlijk onder de indruk geraakt van wat je met AI allemaal kan doen – en voor ik het weet ben ik daarvan meer onder de indruk dan van God. Stom toch?! En dan bedenk ik dat God groter is, dat het God is die zulke fantastische mogelijkheden in zijn schepping heeft gelegd, waardoor ik nog meer van God onder de indruk raak.

Maar niet alleen Nehemia is onder de indruk van God, vreest God – voor zijn vijanden geldt dat uiteindelijk ook! Het staat in vers 16, en daar wordt weer precies dat woord gebruikt dat ook wordt gebruikt voor ontzag voor God: ‘toen de volken rondom ons, onze vijanden, dat hoorden,’ -namelijk dat muur voltooid is- ‘werden ze bang en voelden ze zich klein.’ Met precies datzelfde woord: ‘vrezen’. De vijand wil angst zaaien, maar uiteindelijk eindigen ze zelf als bange mensen.

Dat is ook het goede nieuws van dit hoofdstuk. In een hoofdstuk als Nehemia 6 kun je makkelijk blijven hangen in allerlei tips voor een gefocust geestelijk leven. Maar de bijbel is niet vooral een boek vol adviezen voor een sterker geloof, maar een boek met nieuws, over wat God voor mensen doet. Daarom vraag ik mijzelf als ik een preek schrijf altijd af: wat doet God in deze tekst, wat is het goede nieuws hier, hoe leer je God en Jezus door Nehemia 6 beter kennen? Dan kom ik dus uit bij vers 16: de vijanden worden zelf bang omdat ze beseffen dat de muur Gods werk is. Het is niet omdat Nehemia zo’n buitengewoon goede leider is, maar omdat Gód bouwt. En de vijanden realiseren zich dat ze het tegen God zelf opgenomen hebben, en dan worden ze bang.

En dat patroon loopt door in Jezus – God blijft bouwen. Jezus vergelijkt zichzelf ook met een bouwproject, in Johannes 2: ‘Breek deze tempel maar af, en ik zal hem in drie dagen weer opbouwen.’ Jezus grijpt er vooruit op zijn opstanding. De vijand probeert Jezus te breken, en in de tuin van Getsemané, vlak voor zijn arrestatie, is Jezus bang. Maar zijn ontzag voor God is groter dan zijn angst voor de dood. En dan keert God alles om. De machten die dachten gewonnen te hebben, hebben het nakijken bij het lege graf. Zoals Paulus in Filippenzen 2 zegt: ‘dan zal elke knie zich buigen, en elke tong belijden: Jezus Christus is Heer, tot eer van God, de Vader.’

Eer aan God

En daarmee kom ik bij dankdag, en rond ik ook af. Als het God is die bouwt, dan mogen we hem de eer ervoor geven. Leef met die focus op God, onder de indruk van alles wat hij doet!

Deze dankzondag denk ik dan speciaal aan hoe we in het afgelopen jaar aan deze kerk hebben gebouwd: hoe twee kerken één zijn geworden – dat is niet ons werk, maar van God! En zo mogen we God ook danken en de eer geven voor het diaconaal team, waar Greet vandaag aan wordt toegevoegd, en voor het pastoraal team, dat al zoveel geloofsgesprekken heeft gevoerd, en voor het missionair team, en de creatieve ideeën om naar buiten te gaan, en voor alle praktische inzet rond beheer en onderhoud en vernieuwing. In al dat bouwen mag je God zien: hij werkt door mensen heen.

En persoonlijk: dank God voor alles waar je dit jaar aan mocht bouwen, in je leven, je familie, je geloof, je werk, je plannen. Geef God alleen alle eer! Amen.


Zoeken:

Op bijbelboek:

Op datum: