‘Je kunt een probleem niet oplossen met de denkwijze die het probleem heeft veroorzaakt’. De verlossing van God komt niet vanuit het systeem, maar van een onverwachte plek: Bethlehem. Het staat voor de totaal andere stijl van God.
Inleiding
‘Je kunt een probleem niet oplossen met de denkwijze die het probleem heeft veroorzaakt.’ Heeft iemand enig idee van wie deze uitspraak afkomstig is? Het is Albert Einstein. Tenminste, het wordt toegeschreven aan Einstein, maar anderen betwijfelen dat weer. Maakt ook niet zoveel uit: laten we het voor het gemak maar op Einstein houden.
Einstein was een briljant natuurwetenschapper, en zal met die uitspraak vast hebben gedacht aan de natuurkunde. In zijn tijd werd gedacht dat de natuurkunde ongeveer klaar was: alles wat te ontdekken viel, was wel ontdekt. Nog een paar open eindjes, en dan zou de natuurkunde een afgeronde wetenschap zijn. Einstein was juist iemand van die open eindjes, en besefte: die open eindjes zijn juist afkomstig van een systeem dat barsten vertoond. ‘Je kunt een probleem niet oplossen met de denkwijze die het probleem heeft veroorzaakt.’ En zo kwam hij met een revolutionair nieuwe theorie: de relativiteitstheorie. Daar zal ik jullie verder maar niet mee bemoeien. Of eigenlijk: daar heb ik ook geen verstand van…
Maar die uitspraak kun je natuurlijk veel breder toepassen. Sla Google er op na, en je ontdekt dat dat ook gebeurt. Bijvoorbeeld over techniek: als techniek problemen veroorzaakt, zoals de opwarming van de aarde, is het dan wel zo handig om als oplossing meer en betere techniek aan te dragen? Of moet je toch eens wat fundamentelere vragen aan het systeem stellen?
‘Je kunt een probleem niet oplossen met de denkwijze die het probleem heeft veroorzaakt.’ Maar is het grootste probleem van deze wereld niet gewoon de mens? Ik kwam laatst een scherpe definitie van het woord ‘zonde’ tegen: de menselijke neiging alles te verkloten. Is dat niet waar we elke dag weer mee worden geconfronteerd? En is er wel een uitweg uit dat systeem? Daarover profeteert de profeet Micha, zo’n 700 jaar voor Christus. We gaan luisteren naar zijn woorden – woorden die scherp zijn, en soms ook best heftig, maar waar ook hoop uit onverwachte hoek te vinden is. Thema vandaag is ‘van een andere orde’, en we lezen Micha 4:8-5:4a.
1. Corrupt
Dat eindigt in ieder geval nog positief! Maar ik heb wel expres meer laten lezen dan die laatste 4 mooie verzen. Micha was namelijk klokkenluider in een heel donkere tijd, in een door en door corrupte wereld.
Vooral de bovenlaag krijgt er van Micha van langs: de leiders zijn niet bezig met hun verantwoordelijkheid om het volk te laten bloeien, maar met hun eigen carrière. De vele priesters en profeten proberen hun graantje mee te pikken: tegen betaling doen ze alles wat je van ze wil. Rechters idem dito: drukker met hun eigen bankrekening dan met het recht. Je recht moet je kopen. De kloof tussen arm en rijk, tussen de haves en de have nots, is nog nooit zo diep geweest.
Ergens kun je het nog begrijpen ook: het rommelt op het wereldtoneel. De elite in Israël en Juda leeft met een continue dreiging: de Egyptenaren komen eraan, de Assyriërs komen eraan, de Babyloniërs komen eraan. Deze politieke grootmachten veroveren alles wat ze kunnen, en de dwergstaatjes Israël en Juda maken geen schijn van kans. Misschien is het een vlucht van de elite: het land is niet meer te redden, maar dan hebben ze in ieder geval zelf nog een fijne tijd.
De gewone burger heeft het nakijken. Hen wordt angst aangepraat voor de Assyriërs, maar zou het echt zoveel slechter worden dan nu? Er is geen enkel vertrouwen meer in de leiders die alleen maar bezig zijn hun eigen hachje veilig te stellen. Slecht voorbeeld doet volgen, en zo is ook de gewone Israëliet vooral met zichzelf bezig. Aan de priesters, de vertegenwoordigers van God, hebben ze niets, dus ze beproeven hun geluk maar bij de Baälbeeldjes. Veel slechter kan hun situatie toch niet worden…
Het is crisistijd, het is ieder voor zich, ieder bezig met zijn eigen baantje, eigen hachje, eigen waarheid. En is die wereld nu echt zo anders dan die van ons? In de wereld gebeurt van alles, en je hoort zoveel tegenstrijdige verhalen dat je ook niet meer weet wat je er nog van moet vinden. Wat is nieuws, en wat is nepnieuws? Wie heeft er gelijk, en wie niet? Het vertrouwen in de politiek, maar ook in de kerk, en meer in het algemeen in het systeem is zeer laag. We proberen ons eigen hachje te redden, we zijn bang voor de ander, en beproeven ons geluk op de gekste plekken. Het is die menselijke neiging alles te verkloten – een systeem waarin we helemaal zijn vastgedraaid.
2. Van een andere orde
In zo’n wereld profeteert Micha. Hij benoemt messcherp wat hij allemaal ziet, maar hij geeft ook nieuwe hoop. En die hoop, die komt uit… Bethlehem!
‘Nou en,’ denk je misschien, ‘is dat dan zo bijzonder?’ Ja, dat is behoorlijk absurd! Voor ons klinkt Bethlehem misschien vertrouwd, al is het ook nu een plek waar je liever niet wilt zijn. Maar Bethlehem is het, en nu moet ik goed op mijn woorden letten, want ik wil natuurlijk niemand hier beledigen, ik wilde eerst zeggen dat Bethlehem het Westknollendam van Israël is, maar misschien kan ik er beter Oostknollendam van maken. Geen mensen uit Oostknollendam in de zaal? Mooi: dan is Bethlehem het Oostknollendam van Israël. Als je daar vandaan komt, sta je bij voorbaat met 10-0 achter.
God maakt vaker van die keuzes, waarvan je denkt: of all places, waarom daar?! Van iedereen, waarom juist hij?! Maar God lijkt een voorkeur te hebben voor onbeduidende plaatsjes waar mensen een beetje lacherig over doen en voor mensen die bij hun geboorte al op achterstand stonden. Als we alle bijbelse voorbeelden langs moeten, wordt dit een heel lange dienst, dus ik beperk me even tot David. Niet helemaal willekeurig, want David kwam uit datzelfde gat. Micha heeft David ook in gedachten, als hij het heeft over een oorsprong in ‘lang vervlogen tijden’. En van iedereen uit Bethlehem die God koning had kunnen maken, was David, het niet serieus genomen nakomertje, wel de minst waarschijnlijke kandidaat. En daarom Gods keuze. Paulus zal veel later schrijven, in 1 Korintiërs 1: ‘wat in de ogen van de wereld dwaas is, heeft God uitgekozen om de wijzen te beschamen.’ Met het kruis van Jezus als absolute climax daarvan.
En dat doet God niet zomaar: door te kiezen voor plaatsen die niemand kent en voor mensen die niet meetellen, voorkomt God dat de hoop bij voorbaat besmet is door het corrupte systeem. De verlossing kan niet uit Jeruzalem komen, want Jeruzalem is zo corrupt als wat. Jeruzalem is het probleem, en kan dus nooit de oplossing zijn. ‘Je kunt een probleem niet oplossen met de denkwijze die het probleem heeft veroorzaakt.’ Bethlehem heeft dat probleem niet. Je kunt er niet voor kiezen waar je wieg staat, maar áls je ervoor zou kunnen kiezen, dan zou kiezen voor Bethlehem de ultieme vorm van zelfvernedering zijn. En daar kiest God dus voor!
Hoewel Bethlehem op loopafstand van Jeruzalem ligt, is Bethlehem van een heel andere orde: ‘te klein om tot Juda’s geslachten te behoren.’ En dus een plek buiten dat corrupte systeem van baantjesjagers, van jezelf over de rug van anderen opwerken, van een grote bek en ellebogenwerk, van draaien, bedrog, intrige en hebzucht. Als God ingrijpt, komt dat niet op uit de gevestigde orde, is het niet een variatie op wat de problemen heeft veroorzaakt, maar een compleet nieuw begin.
Wat is dat nieuwe begin dan? Micha profeteert over iemand uit Bethlehem die zal heersen, die het volk als een herder zal weiden, bekleed met de macht van God, die zal heersen tot aan de einden der aarde, onder wiens heerschappij mensen veilig zullen wonen en er vrede zal zijn. Wie al wat langer in de kerk meedraait, vult hier automatisch in dat dit wel over Jezus moet gaan – en dat klopt.
Micha heeft een superhoopvolle boodschap: in die wereld waarin iedereen maar wat doet, die corrupt is tot en met, die wereld waar je zo moedeloos van wordt omdat er nooit eens iets echt verandert, in die wereld komt God met een heel ander soort leider, die die veiligheid en vrede brengt waar we zo naar verlangen. Het is iemand die heel anders is dan de bekende leidende klasse, van een heel andere orde – laten we het de ‘stijl van Bethlehem’ noemen.
Want Jezus is niet iemand die toevallig in Bethlehem is geboren, daarom op 10-0 achterstaat, maar zich daaraan heeft ontworsteld door hard te werken, te knokken, en uiteindelijk een topfunctie in Jeruzalem bemachtigt. Zo doen wij dat: zelfs al staat je wieg in, en noem maar een plek waar je nooit zou willen wonen, als je maar hard werkt kan het toch wat met je worden. Maar Jezus blijft in de stijl van Bethlehem. Hij is een leider zonder verborgen agenda, zonder allures, zonder kapsones, een leider waarvoor je niet tot het uiterste hoeft te gaan om gezien te worden, want hij heeft jou allang gezien en wil jou alles geven. En die stijl van Bethlehem houdt Jezus tot het einde vol, als hij sterft aan het kruis, en dan nog bidt om vergeving voor zijn vijanden. Micha zegt: ‘en hij brengt vrede’, en Paulus echoot dat in Efeziërs 2 als hij over Jezus zegt: ‘want hij is onze vrede’.
Toch lijkt die vrede ver weg. In de tijd van Micha is dat ook zo. Micha suggereert niet dat het nog even een paar jaar doorbijten is, maar dat dan het paradijs ook is aangebroken. Micha heeft het over barensweeën – iets waar hij en ik niet uit eigen ervaring over kunnen praten, maar waar in ieder geval in zit dat de hoop, de redding, door de pijn heen komt. Micha heeft het zelfs over een ballingschap: voor de hoop werkelijkheid wordt, wordt het eerst nog veel erger.
Dan vraag ik me af: waar is dat goed voor? Waar ik op uitkom is dit: het Israël en Juda van Micha is er gewoon nog niet klaar voor. Het is een trots land, dat denkt dat het ondanks alles het beste land van de wereld is, een land dat glorieus zal zijn. Maar als Jezus komt is het een getraumatiseerd land: eerst een periode van ballingschap in Babylonië, en daarna overgeleverd aan de grillen van heersers die Israël als een lastige uithoek van hun rijk zien. Pas daar, op het dieptepunt, ontstaat openheid voor het totaal andere verhaal van God, voor een leider van een andere orde.
En de weg naar vrede is een lange weg. De komst van Jezus was het begin van wat God gaat afmaken. En als je leest wat Jezus daarover zegt, en ook wat bijvoorbeeld Johannes daarover schrijft in Openbaring, dan is duidelijk dat die weg geen makkelijke weg is. Voor het goed wordt, wordt het eerst slechter. Dwars door het lijden heen wil God ons klaar maken voor zijn komst. Want als wij leven in de stijl van Jeruzalem, als wij, zelfs in de kerk, Alpha-mannetjes zijn (en dat kunnen ook vrouwen zijn), gericht zijn op onszelf en elkaar een grote bek geven, dan zijn we er gewoon nog niet klaar voor, Als wij, zelfs in de kerk, over elkaar roddelen, en elkaar neerhalen om onszelf omhoog te trekken, dan zijn we er gewoon nog niet klaar voor. Dat hele systeem, waarin we niet erkennen dat wij zelf het probleem zijn, dat moet eerst gebroken worden.
3. In de stijl van Bethlehem
En dat is direct de uitnodiging, en daarmee sluit ik af. Jezus, de man van Bethlehem, nodigt je uit hem te volgen, om zelf ook te leven in de stijl van Bethlehem: nederig, integer, bescheiden en tevreden, en zo onderdeel te worden van die andere orde. Bijvoorbeeld door niet op baantjes en posities te jagen, maar te genieten van de gaven van anderen. Door niet je eigen hachje te redden, maar het geluk van de ander te zoeken. Door niet jezelf graag te horen praten, maar liever wat langer te luisteren naar de ander.
En ik weet ook: dat klinkt makkelijker dan het is. Die menselijk neiging om er een potje van te maken, die zit diep. Maar laten we ons daar niet bij neerleggen! God doet iets nieuws, en het begint in Bethlehem. Wil jij, al is het struikelend, en al moet er veel van je afsterven, met de man van Bethlehem op weg gaan? Amen.
