Matteüs 28:16-20 | Jezus gaat door

Inleiding

In huize Veurink gaat het de laatste tijd vaak over kunst. Dat zit zo: in groep 3 werkten ze een paar weken geleden met het thema kunst, en nu wil onze Tim alles weten wat er over kunst en kunstenaars te weten valt. Dan moet hij niet bij mij zijn, want ik weet bijna niets over kunst… Laat ik het zo zeggen: ik leer van alles bij.

En soms word ik dan ook overhoord: ‘papa, wat heeft Gaudi allemaal gemaakt?’ Tja, die naam heb ik wel eens ergens gehoord, maar ik zou werkelijk niet weten wat hij met z’n leven gedaan heeft. Ik vermoed dat hij vrolijke schilderijen gemaakt heeft, maar dat antwoord wordt afgekeurd. Of ik een hint wil? Nou, dat is misschien wel handig ja! ‘Hij heeft iets bedacht wat nog steeds niet af is.’ Nu begint het kwartje bij mij te vallen: Gaudi is helemaal geen schilder, maar een architect! En bij een gebouw dat nog steeds niet af is, denk ik direct aan de Sagrada Familia in Barcelona. De bouw van deze kerk begon in 1883, en hij is nog altijd niet opgeleverd. Tim kijkt me glunderend aan: goed zo papa! En zo heb ik weer wat geleerd.

Ik moest weer aan Gaudi denken bij dat verhaal van Jezus’ hemelvaart. Jezus lijkt ergens best wel op Gaudi: ook Jezus heeft iets bedacht wat nog steeds niet af is. Net als Gaudi is Jezus van de aarde vertrokken vóór zijn werk klaar was. Alsof hij zei: ‘jongens, ik heb jullie de bouwtekening van mijn koninkrijk gegeven – jullie redden je er wel mee toch? Dan ga ik er nu vandoor, succes!’

Zo lijkt het. Maar Jezus ís geen Gaudi. Jezus’ hemelvaart is niet dat hij het nu verder aan ons overlaat, zodat hij kan genieten van zijn welverdiende pensioen. Nee: Jezus gaat door! Luister maar naar Matteüs 28:16-20.

1.   Te vroeg afscheid…

Dit zijn Jezus’ afscheidswoorden. In Matteüs gaat het razendsnel: Jezus is nog niet opgestaan, of hij neemt alweer afscheid. In werkelijkheid zaten daar nog 40 dagen tussen, maar ook die 40 dagen zijn veel te kort. Het voelt gewoon alsof Jezus’ werk nog niet af is, alsof Gods koninkrijk, net als de Sagrada Familia, net in de steigers staat, maar Jezus het nu wel mooi vind geweest…

Er was al heel veel gebeurd, geen misverstand daarover: zelfs de dood bleek niet sterker dan Jezus! Maar nu? Er is voor Jezus nog meer dan genoeg te doen! Jezus gaf steeds onderwijs over het koninkrijk van God – nu wordt het tijd om ook echt aan dat koninkrijk te gaan bouwen. Dat is ook precies de vraag van de leerlingen in Handelingen 1: ‘Gaat u dan binnen afzienbare tijd het koningschap over Israël herstellen?’ Het was allemaal te doen om dat koninkrijk, en dat koninkrijk is nog lang niet af: er is werk aan de winkel!

Maar nee, Jezus neemt afscheid en vertrekt. Net nu het los begint te komen, gaat Jezus er vandoor. Terwijl Jezus’ leerlingen zelf nog  niet eens goed weten wat ze met Jezus moeten. O, ze zijn dolblij dat Jezus leeft – daar ligt het niet aan. Maar ze snappen niets van hem. Wat is Jezus van plan? Bovendien zijn ze ook gewoon nog aangeslagen van alles wat gebeurd is. Het wordt nooit meer zoals het was. Het twaalftal leerlingen is een elftal geworden, want Judas was een verrader. Ze voelen die pijn, ook omdat het hen herinnert aan hun eigen lafheid. ‘Ze bewezen hem eer’, schrijft Matteüs, ‘al twijfelden enkelen nog.’ Ik zou ook hebben getwijfeld – als het niet aan Jezus was, dan wel aan mijzelf. Nee, dit lijkt helemaal geen goed moment voor Jezus om te vertrekken.

Toch spreekt Jezus zijn laatste woorden uit en pakt zijn koffers. Jezus lijkt op Gaudi, die zijn droom van de Sagrada Familia heeft uitgezet, maar het aan de volgende generaties overlaat  om de droom ten uitvoer te brengen. ‘Jongens, jullie redden je er wel mee – de groeten!’

2.   Jezus gaat door

Nu weet ik niet wat de laatste woorden van Gaudi waren, maar de laatste woorden van Jezus in Matteüs komen toch op iets heel anders neer. Niet: ‘jullie redden je er wel mee’, maar ‘ik ben met jullie’! Want Jezus gaat niet in de hemel van zijn pensioen genieten en eens heerlijk rustig aan doen, alsof Hemelvaart het einde van Jezus’ actieve dienst is: nee, Jezus gaat door!

Die afscheidswoorden van Jezus staan ook wel bekend als ‘het zendingsbevel’. Jezus zegt: ‘maak alle volken tot mijn leerlingen’.  En dat kan je op het verkeerde been zetten: ‘zie je wel, Jezus is begonnen met leerlingen maken, nu houdt hij het voor gezien en zijn wij aan zet – het is nu aan ons om Gods koninkrijk overal te vestigen en mensen te winnen voor Jezus – die zelf van zijn pensioen geniet.’ Maar dan vergeet je het belangrijkste wat Jezus hier zegt!

Het belangrijkste is niet dat Jezus ons een opdracht meegeeft, het belangrijkste is wat Jezus daaromheen zegt. Twee dingen zegt Jezus:  één: mij is alle macht gegeven, en twee: ik ben met jullie. Oftewel: Jezus trekt zich niet terug – hij gaat juist door! Die 2 dingen passen heel goed bij Hemelvaart. Hemelvaart is niet dat Jezus het voor gezien houdt en het aan ons overlaat. Alsof de hemel de plek is waar Jezus eens lekker kan uitrusten, ver weg van al het gedoe op aarde… Maar uitrusten, dat is wel het laatste wat Jezus in de hemel gaat doen: hij gaat er naartoe om te regeren – want hij heeft alle macht. En ver weg van al het gedoe op aarde is het ook al niet: door naar de hemel te gaan, kan Jezus niet alleen in Israël dichtbij zijn, maar is hij dat overal. Hemelvaart is niet een te vroeg einde voor dat koninkrijk van Jezus, de hemel is juist de plek waar Jezus moet zijn om verder te kunnen bouwen.

Jezus gaat door – zo wordt het ook in Handelingen gepresenteerd. Lucas, de schrijver, verwijst eerst naar zijn eerste boek,  dat wij kennen als het Evangelie volgens Lucas, waar hij geschreven heeft over de daden en het onderwijs van Jezus, ‘tót de dag waarop hij in de hemel werd opgenomen.’ Handelingen, het tweede boek, pakt daar de draad weer op: het gaat over de daden van Jezus,  vanaf de dag waarop Jezus in de hemel werd opgenomen. Het werk van Jezus gaat dus gewoon door, want het verhaal is nog niet klaar!

En in dat verhaal krijg wij een rol. Want Jezus gaat door – en dat doet hij dóór ons! Dat is waar die opdracht om gaat. Maar maak daar dus niet van dat wij nu af moeten maken waar Jezus mee begonnen is, zoals bouwers, en zelfs nieuwe architecten,  afmaken waar Gaudi mee begonnen is. Jezus zélf gaat verder met zijn werk, en als wij met die opdracht bezig gaan, dan is hij daarbij!

‘Maak alle volken tot mijn leerlingen,’ zegt Jezus. Het goede nieuws dat Jezus alle macht heeft, en dat zijn koninkrijk doorbreekt, dat moet de wereld over! Jezus wil dat mensen over de hele wereld dat nieuws niet alleen horen, maar er ook naar gaan leven: ze moeten zich ‘houden aan alles wat ik jullie opgedragen heb.’ Daarbij kun je bijvoorbeeld denken aan de woorden van de bergrede, die Jezus op dezelfde berg heeft uitgesproken, als nu deze afscheidswoorden. Jezus zoekt leerlingen – die doen wat Jezus zegt, die zijn macht erkennen, die beginnen te leven vanuit geloof, hoop en liefde, en waar zo al iets van het koninkrijk van God zichtbaar wordt. En voor die taak schakelt Jezus ons dus in.

Je zou nog kunnen vragen: als Jezus dan toch alle macht heeft, waarom doet hij het dan niet zelf? Waarom zet Jezus ons aan het werk -al laat hij ons daarin gelukkig niet alleen- als hij het zelf veel beter kan doen? Hij hoeft het maar te zeggen, en het gaat op zijn manier – waarom dan die omweg via ons?!

Ik denk dat dat is omdat deze weg past bij dat koninkrijk. Het is geen koninkrijk van machtsvertoon, maar een koninkrijk waar kracht zichtbaar wordt in zwakheid. Als Jezus over ons heen zou denderen  en zou afkondigen dat het voortaan op zijn manier gaat, dan zou hij zo’n machthebber zijn waar de wereld er al te veel van heeft… Maar Jezus wil niet afdwingen dat we doen wat hij zegt: hij wil de wereld voor zich winnen. Hij wil dat mensen van hem gaan houden en hem gaan volgen, omdat ze zien hoe goed het leven met Jezus is. Dat is wat wij mogen laten zien – op onze eigen plek.

3.   Maak leerlingen

Hemelvaart is: Jezus gaat door! En daarin wil hij jou inschakelen – ‘maak leerlingen,’ zegt hij. Maar hoe dan?!

Denk niet dat je eerst een superchristen moet worden, die op alle vragen over God een antwoord weet, voor je met die opdracht bezig kunt. Denk maar even terug aan die 11 leerlingen: aangedaan en twijfelend. Dit is geen opdracht alleen voor mensen die geen vragen meer hebben. Sterker nog: als je geen vragen meer hebt, hoe kun je dan nog iets leren, en leerling van Jezus zijn?

Verder: maak het niet te ingewikkeld – alsof jij met een heel plan mensen moet gaan bekeren. Nee, het is gewoon een kwestie van oprechte interesse in mensen. En als mensen aan jou merken dat je echt geïnteresseerd in ze bent, niet als trucje om iemand binnen te halen, maar zonder agenda, dan worden mensen vanzelf ook geïnteresseerd in jou. En zoals René schreef in de laatste gebedsbrief van Bloei in Kogerveld: dan is het moeilijker om niet te getuigen dan om wel iets over je geloof te vertellen. Dus: heb interesse in mensen. En dan niet alleen in de mensen die je al jaren kent – sta altijd open voor nieuwe mensen. Maak leerlingen: sluit je niet op in je eigen kringetje!

En bedenk: je doet het niet alleen! Jezus zelf is erbij. Want Jezus gaat door! Amen.


Zoeken:

Op bijbelboek:

Op datum: