Galaten 1 | Pas op: nepevangelie!

Inleiding

Een nieuwe tijd brengt nieuwe beroepen met zich mee, en een van de meest fascinerende vind ik de social influencer. Dat zijn mensen die betaald worden voor hun bijdrage op social media. Bij mij werkt het zo dat als ik even vastloop met mijn werk, ik mijn telefoon pak, en dan veel te lang op Facebook zit. Influencers hebben daar gewoon hun werk van gemaakt!

Gabbie Hanna is zo’n influencer. Op Instagram heeft ze 3,8 miljoen volgers! Kom ik aanzetten met mijn 400 Facebook-vriendjes… Als Gabbie iets deelt, heeft ze een publiek van bijna 4 miljoen. Dat geeft ook best een verantwoordelijkheid! Gabbie kan de grootste onzin online zetten, zonder dat iemand het doorheeft.

Dat vindt ze zelf ook een probleem. Daarom besloot ze een experiment te doen: op Instagram deed ze alsof ze op het muziekfestival Coachella was. Ze kopieerde wat foto’s van vrienden die daar echt waren, plaatste wat nietszeggende foto’s van zichzelf, en maakte handig gebruik van Photoshop. En niemand die er vragen bij stelde…

Zo makkelijk is het dus de boel te belazeren. Dat is ook precies wat Gabbie wilde meegeven. Geloof niet alles wat je ziet! Wees kritisch: is dit echt of nep?

Om die kritische houding gaat het vandaag. We lezen uit de brief van Paulus aan de Galaten, en komende weken gaan we daarmee verder. Paulus ziet dat de Galaten kritiekloos een nepevangelie omarmen. Daarom waarschuwt hij: ‘pas op – het is een nepevangelie!’ We gaan het lezen: Galaten 1.

1.   Een ander evangelie?

Paulus gaat er vandaag vol in! De brief is nog maar net begonnen,  of de vervloekingen vliegen je al om de oren. Paulus steekt zijn verbijstering niet onder stoelen of banken, maar geeft de Galaten de wind van voren.

Voor Zaankanters valt het misschien nog wel mee, wij houden niet zo van al die omtrekkende bewegingen, zeg liever gewoon waar het op staat, maar voor Paulus is het hoogst ongebruikelijk zo direct te beginnen. Trouwens, misschien vinden zelfs Zaankanters dit over the top.

In díe tijd was het in ieder geval duidelijk: zo begin je een brief niet. Er was een vast format voor brieven. Je begint met je eigen naam (wat wij juist onderaan zetten, wat, als je het mij vraagt, heel onhandig is), vervolgens noem je de geadresseerden, begroet je ze, en prijs je ze de hemel in. Daarna zou je je punt mogen maken. Bijna alle brieven van Paulus voldoen aan dit stramien. Ook deze brief begint met de afzender, ‘van Paulus’, vervolgens de geadresseerden, ‘de gemeenten in Galatië’, een begroeting: ‘genade en vrede’ – en dan stopt het. Op de plek in de brief waar je complimenten en dankbaarheid mag verwachten, wil Paulus er niet langer omheen draaien: ‘zijn jullie helemaal gek geworden?!’

Waarom zo fel? Dan moet er echt wel iets aan de hand zijn! En dat is ook zo: Paulus ziet dat de christenen in Galatië, een streek in Turkije, in de ban zijn van een ander evangelie.  Paulus was de eerste die in Galatië het goede nieuws over Jezus bracht. Hij had de Galaten verteld over Jezus Christus, dat Jezus was gekruisigd, maar ook weer was opgestaan, en dat bij Jezus echte vrijheid te vinden is. Overal in de streek kwamen mensen tot geloof in Jezus, en zo ontstonden er verschillende kerken in Galatië.

En toen was Paulus weer vertrokken… Hij had een afscheidsbijeenkomst belegd: ‘broers en zussen, ik heb jullie alles over Jezus verteld, ik moet verder, naar streken waar nog niemand over Jezus gehoord heeft. Jullie hebben mij niet meer nodig. Blijf dicht bij Jezus, dan komt het goed!’

Maar al snel na Paulus’ vertrek kwamen er anderen. ‘Dus Paulus heeft jullie alles verteld? Nou, de basics in ieder geval wel. Maar nu jullie al wat langer christen zijn, wordt het tijd voor het echte werk. Jullie weten toch wel dat Jezus Joods is? Dat als je christen wordt, dat je dan de God van de Joden dient? Maar daar horen nog wel wat dingen bij! Het wordt tijd dat jullie volgens de Joodse wetten gaan leven. Laat je besnijden en vier de Joodse feesten. Pas dán hoor je er echt bij.’

Het alternatieve evangelie dat deze christenen introduceren, is dit: ‘in Jezus geloven is nog niet genoeg, je moet ook Jood worden.’ Het is een Jezus-plus evangelie. Jezus is een mooi begin, maar je bent pas een goed christen als je aan aanvullende voorwaarden voldoet. Het is het evangelie van de kleine lettertjes: je wordt met een mooi verhaal gelokt, het is allemaal even prachtig, maar zodra je je handtekening hebt gezet, blijk je vast te zitten aan een wurgcontract…

Dat Jezus-plus evangelie wordt helaas nog altijd verteld. Soms in een variant die verdacht veel lijkt op de variant die de Galaten hoorden: ‘christenen zijn hun Joodse wortels vergeten – als je God écht wilt dienen vier je de sabbat en de Joodse feesten.’ Maar er zijn veel meer smaakjes van het Jezus-plus evangelie. ‘Dat je in Jezus gelooft is mooi.  Maar heb je de heilige Geest al wel gekregen? Kun jij vertellen op welke dag jij bent wedergeboren?’ Ik heb écht een tijd gedacht dat ik geen goede christen was, omdat ik geen spectaculair verhaal kon vertellen  over hoe de Geest mij in mijn nekvel greep… Of nog een andere variant: ‘Mooi dat je in Jezus gelooft. Maar wat vindt je eigenlijk van homoseksualiteit? En van de evolutietheorie? En van de uitverkiezing?’ Het is Jezus-plus-de-juiste-standpunten. Of deze: ‘dus jij gelooft in Jezus? Wordt het dan niet eens tijd verantwoordelijkheid te nemen voor je leven? Zoek een baan, trouw, koop een huis!’ Jezus-plus-een-keurig-burgerbestaan.

2.   Factcheck: nepevangelie!

Paulus is verbijsterd over hoe gemakkelijk de gemeenten in Galatië dit Jezus-plus evangelie voor waar aannemen. ‘Galaten, denk na, wees alsjeblieft kritisch! Want dat andere evangelie dat jullie zo kritiekloos omarmen, is een nepevangelie. Dit zogenaamde evangelie is geen goed nieuws,  het ontkracht juist alles wat ik jullie verteld heb! Een Jezus-plus evangelie ís geen evangelie. God werkt niet met gelikte salesmanagers, of voor mijn part influencers, die de kleine lettertjes nog maar even verzwijgen: er zíjn geen kleine lettertjes! Het verhaal van Jezus, het verhaal van genade, dat is niet het lokkertje: het is het héle evangelie! Iedereen die jullie iets anders wijsmaakt, is vervloekt!’

Tja, dat verhaal van Paulus kan ik goed meemaken, maar dat ‘vervloekt’-gedoe – is dat nou echt nodig? Want zodra mensen zulke grote woorden spreken, gebeuren er ongelukken. Noem een willekeurig thema, en er is wel een kerkscheuring door ontstaan…  Christenen die zich vastbijten in hun eigen gelijk, en daarom de deur naar andere christenen hard achter zich dichtslaan. Moet Paulus het dan echt zo op de spits drijven?

Ja! Paulus is niet zomaar wat theologische muggen aan het ziften! Paulus geeft juist heel veel ruimte. Je mag over van alles met hem van mening verschillen. Je mag er een heel andere levensstijl dan hem op nahouden. Zo is Paulus bewust single, om God beter te kunnen dienen, maar wil hij dat niemand anders opleggen. Maar kom niet aan Jezus! Het gaat hier niet om zomaar een meningsverschil, de kern van het christelijk geloof staat op het spel! Is Jezus alles, of is Jezus slechts een opstapje om Joods te worden? Is Jezus alles, of moet je aan aanvullende voorwaarden voldoen? Dat is het verschil tussen evangelie en nepevangelie, tussen goed nieuws en slecht nieuws. Overigens is ook het evangelie dat je er lekker op los kunt leven een nepevangelie, maar dat bewaart Paulus voor verderop in zijn brief.

Maar hoe weet je dan wat het echte evangelie is en wat nep? Het gaat ook zo subtiel: dat nepevangelie blijft dicht genoeg bij het echte evangelie om geloofwaardig te zijn. Want zo werkt nepnieuws: hoe dichter bij de werkelijkheid, hoe geloofwaardiger. Als onze influencer Gabbie een muziekfestival op de maan uit haar duim had gezogen, waren alle alarmbellen direct gaan rinkelen. Het gevaarlijke van het nepevangelie in Galatië  is dat het een subtiele verdraaiing van het evangelie is.

Er is dus een factcheck nodig. Als je op internet zoekt naar hoe  je nepnieuws kunt herkennen, is één van de belangrijkste tips: check wat de bron is. ‘Als Shownieuws iets meldt op basis van de berichtgeving in roddelblad Privé, weet je dat je het nieuws niet al te serieus moet nemen.’ Dat is precies het punt van Paulus: check de bron. In het geval van het goede nieuws van Jezus: dat nieuws is niet door mensen bedacht, maar komt van God. Je moet het niet geloven omdat Paulus het zegt,  of omdat de dominee het zegt, of omdat je ouders het zeggen, maar omdat het van God zelf komt!

Daarom maakt Paulus er ook zo’n punt van dat hij door God zelf is aangesteld. Paulus zegt: ‘mijn bron is God zelf. Voordat ik in Jezus geloofde, had ik al wel over hem gehoord. Ik haatte Jezus en iedereen die in hem geloofde. No way dat ik christen zou worden. Maar God zelf greep in, en stuurde mij de wereld in, om iedereen over Jezus te vertellen.’

Denk maar aan een doorfluisterspelletje: iemand fluistert een zin in het oor van een ander, die het weer doorfluistert in het oor van de volgende, die het ook weer doorfluistert, enzovoort. Hoe verder van de bron, hoe vervormder de zin wordt doorverteld. Paulus zegt: ‘ik heb het van de bron zelf!’

Is iets evangelie of nepevangelie? Dé factcheck is simpel: komt het van God, of komt het van mensen? Daarom is de bijbel ook zo belangrijk: daar kun je horen wat van God komt! Mensen kunnen er van alles bij bedenken, maar ga altijd terug naar de bijbel! Nee, de bijbel geeft niet op al onze vragen een duidelijk antwoord. Maar over de dingen die God écht belangrijk vindt, is de bijbel glashelder.

En een van die dingen is dus dat het evangelie van Jezus geen kleine lettertjes heeft. Het is goed nieuws voor iedereen! Het is goed nieuws voor Joden, maar ook voor Grieken. Goed nieuws voor Turken uit Galatië, maar ook voor  Zaankanters. Het goede nieuws van Jezus overstijgt culturen: je hoeft er geen Jood voor te worden, je hoeft niet een bepaalde cultuur aan te nemen om christen te kunnen zijn.

Daarin is het christelijk geloof uniek. Bij andere godsdiensten komt een hele cultuur mee – maar bij het christelijk geloof niet! Er bestaat niet iets als een christelijke cultuur, hoe graag sommige politici ons dat ook willen laten geloven. Het gaat om maar één ding: geloof je in Jezus als jouw redder? De rest is een nepevangelie!

3.   Blijf kritisch!

Er is een kinderliedje: ‘tussen Keulen en Parijs, ligt de weg naar Rome. Al die met ons mee wil gaan, die moet onze manieren verstaan. Zo zijn onze manieren, zo zijn onze manieren, zo zijn onze manieren, manieren, zo zijn onze manieren.’

Ik vermoed dat het een onschuldig liedje is, maar pas je het op de kerk toe, dan wordt het  opeens levensgevaarlijk! Dan maken we een nepevangelie: ‘zo zijn onze manieren, pas je maar aan. Bevallen onze manieren je niet? Dan zoek je maar verder!’ Natuurlijk, er ontstaan altijd gewoonten. Dat is in de bijbel al zo: na een chaotische start, krijgt de kerk al snel structuren. Maar: de structuren, de manieren, de gewoonten, zijn geen onderdeel van het evangelie. Maak geen nepevangelie en laat je geen nepevangelie aanpraten –  blijf juist kritisch!

Manieren zijn niet heilig! We zijn op een bepaalde manier kerk, met bepaalde gewoonten en afspraken, ook in Menorah is dat sinds de doorstart in 2004 weer ontstaan, maar dat is niet het evangelie! Ik weet het: vertrouwde vormen zijn belangrijk, ik wordt er ook moe van als altijd alles maar weer anders moet, maar voor je het weet worden ze een nepevangelie, geven ze een schijnveiligheid. Hecht niet aan vormen, hecht alleen aan Jezus!

Manieren mogen ook geen drempels opwerpen voor stadsgenoten! Want dat doen manieren al snel: als je bij ons wilt horen, pas je je  maar aan. Maar om bij Jezus te horen, hoef je je helemaal niet  aan te passen! Dat vraagt van ons om kritisch naar onze manieren te kijken: als bepaalde gewoonten belemmeren dat onze stadsgenoten het evangelie horen, dan móeten we daar wat mee!

Manieren mogen ook niet zorgen voor verdeeldheid. In Zaanstad heb je allerlei smaakjes kerken, dus je kunt altijd wel een kerk vinden waar je ‘past’.  Maar het is pijnlijk dat manieren in de weg staan om samen kerk te zijn. Soms onnozele dingen, zoals wat voor liederen je zingt. Soms grote thema’s, zoals of je wel of geen kinderen doopt. Natuurlijk, ik heb daar op grond van de bijbel een mening over. Maar ik kan er ook naast zitten – en ik geloof dat ik dat niet eens erg vind. Het is in ieder geval niet groot genoeg om het lichaam van Christus te versnipperen!

Want onze manieren zijn het evangelie niet. Gelukkig niet! Er is maar één evangelie! Dat evangelie is veel eenvoudiger en mooier: Jezus leeft! Amen.


Zoeken:

Op bijbelboek:

Op datum: