Muziek is overal. In de kerk heeft muziek een speciale plaats. Muziek kan je hart met aanbidding vullen.
Vandaag gaat het over muziek, dus ik ben wel benieuwd hoe muzikaal jullie zijn. We hebben namelijk nog wel wat vacatures in de band… Maar ook als je écht geen talent hebt om muziek te maken, kun je nog steeds genieten van muziek. Dus even een paar vragen, en steek je hand op als het voor jou geldt.
Wie heeft er in de auto vaak muziek aan? En wie brult dan ook nog eens hard mee, omdat in de auto toch niemand je kan horen? Wie luistert er wel eens muziek op de fiets? Wie zingt er graag onder de afwas? Wie heeft er ooit wel eens een muziekinstrument bespeeld? En wie heeft dat wel eens, dat je een liedje hoort, en dat het dan de hele dag in je hoofd blijft hangen? (Ja, dat Europapa is echt een irritant nummer…) En wie heeft bij geen enkele vraag zijn hand opgestoken? (Dan wordt deze dienst wel een beetje afzien…)
Al met al zijn we, zoals we hier bij elkaar zitten, best muzikaal! Nu zijn christenen niet de enigen die van muziek houden: muziek is overal. In de tijd van de bijbel was dat natuurlijk minder: je kon toen nog geen liedjes streamen – als je muziek wilde horen moest je naar een plek waar het werd uitgevoerd, of gewoon lekker zelf zingen natuurlijk. Maar ook in die wereld was muziek belangrijk, onder andere voor eigenlijk alle godsdiensten. Dat is niet zo gek: muziek tilt je boven jezelf uit, is een glimp van het hogere, van de schoonheid van God, en dat voelen niet alleen christenen aan.
De bijbel is ook een boek vol muziek. Er worden muziekinstrumenten gefabriceerd, er wordt gedanst en gezongen, je komt er singer-songwriters tegen die naast hun werk muziek maken, zoals koning David, maar ook professionele muzikanten. Het muzikale hoogtepunt van de bijbel, dat zijn de Psalmen, een bijbelboek met alleen maar muziek. En daar sluiten de Psalmen ook expliciet mee af, in Psalm 150: ‘loof hem met hoorngeschal, loof hem met harp en lier, loof hem met dans en tamboerijn, loof hem met snaren en fluit. Loof hem met klinkende bekkens, loof hem met slaande cimbalen. Alles wat adem heeft, loof de Heer.’
Muziek is ook een blijvertje: als het in de bijbel gaat over de toekomst, over Gods nieuwe wereld en de hemel op aarde, dan is daar ook muziek. Dus als muzikant heb je daar in ieder geval wat te doen. In tegenstelling tot artsen en verplegers, politieagenten en brandweermannen, maar ook dominees: dan kun je je misschien toch maar beter tot muzikant laten omscholen. En als je dat nu alvast doet, hebben we er als Menorah ook nog wat aan!
Het is dus niet gek dat in de kerk muziek is, zoals Paulus dat beschrijft in Efeziërs 5: ‘Bedrink u niet, want dat leidt tot uitspattingen, maar laat de Geest u vervullen en zing met elkaar psalmen, hymnen en liederen die de Geest u ingeeft. Zing en jubel met heel uw hart voor de Heer en dank God, die uw Vader is, altijd voor alles in de naam van onze Heer Jezus Christus.’ ‘Zing met elkaar,’ zegt Paulus. Dus niet alleen bij de afwas of in de auto, maar zeker ook als we als kerk samenkomen. Kerken zijn altijd vindplaatsen van muziek geweest.
Maar waarom zou je samen zingen? Is muziek in de kerk meer dan iets om de tijd mee te vullen en de sfeer wat te verbeteren? Dat is het absoluut – en daarvoor wil ik eerst wat uitzoomen, van muziek naar lofprijzing. Want daar gaat het om bij christelijke muziek – ‘zing en jubel,’ zegt Paulus. Ergens anders, in 1 Korintiërs 10, zegt hij: ‘doe alles ter ere van God.’ En dat is wel een kern van het christelijk geloof. Gereformeerde kerken met Nederlandse wortels grijpen vaak terug op 3 belijdenisgeschriften uit de 16e en 17e eeuw, waarvan de Heidelbergse Catechismus de bekendste is. Engelstalige gereformeerden, de presbyterians, gebruiken in plaats daarvan de Westminster Confession. Die begint zo: ‘het voornaamste en hoogste doel van het leven van de mens is de verheerlijking van God en het zich in hem ten volle en eeuwig verheugen.’ Met andere woorden: wij, mensen, zijn er om God te aanbidden, en zo van hem te genieten. Dat gaat dus niet over wat God ons geeft, dat God nuttig is voor ons, maar over genieten van God zelf, van zijn schoonheid en glorie. Dáárvoor zijn wij gemaakt.
Daarbij is muziek een fantastisch hulpmiddel. Want muziek is emotie, komt in je hart. Paulus zegt ook: ‘zing en jubel met heel je hart.’ Muziek is een manier om je hart te vullen met aanbidding – met die levenstaak van ons. Je vult je hart altijd ergens mee. Paulus noemt drank, maar er is natuurlijk nog veel meer: in jouw leven is van alles wat om aandacht schreeuwt, wat er om vraagt aanbeden te worden, zoals geld, seks en macht, en die prikkels kun je niet uit zetten. Ik las ergens: ‘een van de beste manieren om te voorkomen dat je hart afdwaalt naar duistere gebieden, is ze bevoorraad houden met dankbaarheid.’ Dat is wat muziek kan doen: je hart vullen met het genieten van God.
Maak trouwens niet de fout te denken dat dit alleen met vrolijke en oppervlakkige liedjes kan. Aanbidding is niet alleen voor als alles goed gaat. De Psalmen waar ik het al over had, staan vol met liederen van iemand die het zwaar heeft, voor wie God soms ook heel ver weg voelt, en tóch is elke Psalm aanbidding. Muziek maken voor God, hem aanbidden, dat kan met elke emotie!
Als laatste: Paulus noemt verschillende soorten liederen. ‘Psalmen, hymnen en liederen die de Geest u ingeeft.’ Wat met die laatste categorie wordt bedoeld, daarover verschillen de meningen, maar het zou kunnen dat dit liederen waren die ter plekke ontstonden – zeg maar een soort jamsessies met de Geest. Dat we vandaag verzoeknummers zingen, liederen waar je iets speciaals mee hebt, is daar nog niets bij! Tegelijk sluit het mooi aan: vandaag zingen en jubelen we, met heel ons hart. Doe je mee? Amen.
