De natuur heeft het zwaar. Het milieu vervuilt en de wereld warmt op. Dat zijn problemen die er in de tijd van de bijbel nog niet waren. Toch heeft de bijbel er wel degelijk wat over te melden.
Inleiding
Jullie moeten mij maar geloven als ik zeg dat het echt mijn bedoeling was het de komende weken een beetje luchtig te houden. Het is per slot van rekening vakantie – niet de beste tijd voor zware kost. Al bladerend in de bijbel kwam ik op een of andere manier bij Leviticus en Deuteronomium uit. Boeken die vol staan met regels – niet de makkelijkste boeken dus… Ik ging op zoek naar wetten die vandaag nog iets te zeggen zouden kunnen hebben, en voor ik er erg in had, was ik alle grote wereldproblemen aan het oplossen… De komende weken gaan we het hebben over het milieu, de economie en vluchtelingen.
Vandaag het milieu, en dat is best een hot item. De aarde warmt op, de zeespiegel stijgt, we ademen vervuilde lucht in en overal slingert ons plastic rond. Met veel pijn en moeite heeft Nederland eindelijk zijn klimaatakkoord, maar uiteraard is niemand daar echt blij mee: de een ziet met angst en beven toe hoe de aarde naar de knoppen gaat en niemand iets doet, de ander ziet eveneens met angst en beven toe dat we miljarden gaan uitgeven aan iets wat toch niet helpt, maar waar jij de rekening voor krijgt…
Wat ook niet helpt, is dat het vaak zo ingewikkeld is: wat zijn nu de goede keuzes? Plofkip of biologische kip? Je zou zeggen: de biologische, en die heeft ook zeker een beter leven gehad, maar zorgt wel voor meer CO2 in de lucht. Dieselauto of elektrische auto? Je zou zeggen: de elektrische, en in de file sta ik absoluut liever achter zo’n elektromobiel dan achter een stinkend dieselbusje, maar waar komt al die elektriciteit vandaan? Uit kolencentrales? En die accu’s? Hoe milieuvriendelijk is dat? Om het nog maar niet te hebben over uitbuiting in de mijnen…
In de tijd van de bijbel speelden al die dingen nog niet. Toch geloof ik dat de bijbel er wel degelijk iets over te melden heeft. Vandaag staan we stil bij het thema ‘God en milieu’ vanuit Leviticus 25:1-22.
1. Milieuwetgeving?
Wat moeten wij nu met zo’n wet om je akker eens in de 7 jaar met rust te laten? Is dit de bijbelse milieuwetgeving, die nog eens bovenop dat klimaatakkoord komt?
Nee, dit is een wet voor als Israël het beloofde land inneemt. Onder leiding van Mozes trekt het volk Israël van Egypte naar het beloofde land, Kanaän – het land van melk en honing. Maar voorlopig zwerven ze nog wel even door de woestijn. God zorgt voor eten –manna, een soort broodpoeder uit de hemel- ze komen niets tekort, maar wat zou het heerlijk zijn om zélf eten te kunnen verbouwen. Eten uit je eigen tuin smaakt nu eenmaal het lekkerst!
Voor dat manna gold: de Israëlieten mochten het 6 dagen in de week verzamelen, alle dagen behalve de sabbatdag, de rustdag. En eigenlijk wordt die regel nu voortgezet voor als de Israëlieten het beloofde land bereikt hebben: nu niet 6 dagen maar 6 jaren verzamelen, en daarna geen sabbatdag maar een sabbatsjaar.
Maar kunnen wij daar nog wat mee? In ieder geval niet als extra milieuwet voor christenen. Dit is een wet van Israël, en in de brief aan de Galaten blijft Paulus er maar op hameren dat de wetten van Israël niet de wetten van christenen zijn.
Toch heeft zo’n wet nog wel wat te zeggen. Zo zit er bijvoorbeeld veel wijsheid in die opdracht het land eens in de 7 jaar braak te laten liggen: daar blijft de grond vruchtbaar van. Als je jaar in jaar uit zoveel mogelijk aardbeien uit je moestuintje wilt hebben, dan put je de bodem daarmee uit. In de landbouw wordt dat principe al duizenden jaren gevolgd: soms moet je je akker gewoon even een jaar met rust laten. Als ik Wikipedia goed begrepen heb, gebeurt dat in de moderne landbouw niet meer, maar is daar wel belangrijk dat de gewassen elkaar afwisselen, elk jaar op dezelfde plek wortels inzaaien is niet zo’n goed idee, en worden er soms ook gewassen gekweekt die niet zoveel opbrengen maar die de bodem wel verbeteren. Maar vraag me niet hoe dat precies zit, want daar heb ik absoluut geen verstand van…
Behalve dat in zo’n wet dus veel wijsheid zit, zit er ook heel veel diepgang in. Veel meer dan in het Nederlandse klimaatakkoord. In een paar zinnen brengt Leviticus 25 ons bij de kern van het probleem. Het gaat niet om regels, het gaat om het hart. Uiteindelijk is goed met de aarde omgaan een kwestie van aanbidding.
2. Groene aanbidding
Laten we het ‘groene aanbidding’ noemen. Ik wil 3 dingen uit Leviticus 25 noemen die ook ons vandaag verder kunnen helpen.
Het eerste: hét milieuprobleem is egoïsme. Voor een oplossing van het milieuprobleem wordt vaak naar 2 kanten gekeken: naar de politiek en naar de wetenschap. Als de politiek maar met goede regels komt, zo is de gedachte, dan kunnen we het probleem onder controle houden. Bovendien kan de politiek met subsidies en kortingen groen gedrag stimuleren. In de praktijk valt dat tegen: je kunt nog zo’n groene auto hebben, maar zonder groene rijstijl is de milieuwinst al snel weer verdampt. Wordt je weer ingehaald door zo’n Tesla op topsnelheid… Nee, dat is niet eerlijk: ik weet zelf het gaspedaal ook wel te vinden. En dat is precies het probleem: ík wil graag zo snel mogelijk van A naar B – pech voor het milieu.
Van de wetenschap verwachten we ook veel: nieuwe techniek waardoor we het milieu minder belasten. Maar die techniek wordt wel door ménsen gebruikt.
Nee: hét probleem is dat wij onszelf belangrijker vinden dan de aarde. Wij doen alsof de aarde van ons is. Alsof het een goedgevulde bankrekening is, die je maar beter opgebruikt kunt hebben voor je sterft: anders heb je geld laten liggen. Wij willen het maximale uit de aarde halen – altijd meer. In no time jagen we alle olievelden er doorheen, vegen we het ene na het andere bos van de landkaart en vissen we de zeeën leeg.
Terwijl die aarde helemaal niet van ons is! We plunderen Gods bankrekening, want die aarde is van God, aldus Leviticus 25. Wij mogen een tijdje voor Gods land zorgen en ervan genieten. Maar het is wel Góds land!
Het probleem is niet dat we betere regels moeten hebben of dat de wetenschap met betere oplossingen moet komen: het probleem is onze eigen houding. Als wij leven alsof de aarde van ons is, en je daar uit moet halen wat erin zit, en het liefst nog wat meer, dan moeten wij ons bekeren van ons egoïsme. En het zal waar zijn dat niet altijd duidelijk is welke keuze beter is voor het milieu, maar vaak is dat ook niet meer dan een afleidingsmanoeuvre. Beter dan plofkip én de biokip is om gewoon minder kip te eten. Beter dan dieselauto én elektromobiel is om vaker de fiets en trein te pakken. Waar het om gaat: erken jij dat deze aarde er niet is om al jouw wensen te vervullen?
Dat is het mooie van dat gebod om het land rust te geven. Het land mag even uitrusten. God wil niet dat wij roofbouw plegen op zijn wereld. Deze wet leert om maat te houden en respectvol met Gods aarde om te gaan.
Het tweede: God zorgt dat je niets tekort komt. Want o, wat zijn wij daar bang voor! We willen best een beetje om het milieu denken, zo lang we er maar niet te veel bij inschieten. Maar als je moet kiezen tussen het installeren van een warmtepomp of een nieuwe keuken, dan valt de keuze toch al snel op het laatste. Als puntje bij paaltje komt, willen we gewoon voor een dubbeltje op de eerste rang zitten – ik ook. Ik pak bijna nooit de trein: ik ben dan langer onderweg en betaal meer… Laat maar!
Zo moeten die wetten uit Leviticus 25 voor de Israëlieten ook voelen. ‘Het land een jaar met rust laten? Wat is dat voor idiote opdracht? Hebben we eindelijk eens land, mogen we het niet gebruiken! Het eten komt toch niet vanzelf op ons bord? Wat een verspilling.’ Dat andere jaar, het ‘jubeljaar’ is al niet veel beter. De enige manier om het als boer in Nederland vol te houden, is schaalvergroting. Je koopt land op van anderen, zodat jij meer en efficiënter kunt produceren. Want als je toch al aardappels aan het poten bent neem je die extra akker in een moeite mee. Dat jubeljaar geeft daar maar heel beperkt ruimte voor: na 50 jaar wordt dat allemaal ongedaan gemaakt, volgt een harde reset, waarna iedereen weer zijn eigen akkertje heeft. Voor grootgrondbezitters en structurele schaalvergroting is daarmee geen ruimte. Dat is toch verspilling?
Maar God zegt: ‘mochten jullie je afvragen waarvan je het zevende jaar moet leven…’ Grapje zeker… Natuurlijk vragen we ons dat af! God vervolgt: ‘bedenk dan dat ik jullie het zesde jaar zal zegenen met een oogst die voor drie jaar toereikend is.’ Oftewel: God zorgt ervoor dat je niets te kort komt. Milieuvriendelijk leven is een kwestie van vertrouwen dat God je wel geeft wat je nodig hebt. Het is zegen verwachten van hem, en je daarom afhankelijk durven opstellen. Zoals Jezus later zegt: ‘kijk naar de vogels in de lucht: ze zaaien niet en oogsten niet en vullen geen voorraadschuren, het is jullie hemelse Vader die ze voedt.’
Het derde: zorgvuldig en respectvol met de aarde omgaan is een vorm van aanbidding. De sabbatsrust van het land is namelijk ‘gewijd aan de Heer.’ Dát is de reden voor een milieuvriendelijke levensstijl: je doet het voor God, je doet het om de schepper en eigenaar van de aarde te eren.
Vergelijk het maar met op vakantie gaan in het huis van een ander. Dan ben je blij dat die ander zijn huis voor je beschikbaar heeft gesteld, en daar ga je dan zorgvuldig mee om. Je gaat niet alle borden en glazen kapot smijten, omdat je er maar kort blijft en dus het hele servies er doorheen wilt jagen. Natuurlijk, er kan een bord kapot vallen. Dan koop je een nieuw bord, ter vervanging. En als je vertrekt zorg je dat alles netjes is en laat je een aardigheidje over als bedankje: daarmee ‘eer’ je de eigenaar. Zo is het met God ook: als wij goed met zijn wereld omgaan, eren we hem daarmee.
Dat is best bevrijdend! Want het meest gehoorde argument om groen te leven is dat we de wereld moeten redden voor onze kinderen. We moeten resultaat halen – het is nu of nooit! Dan ligt er heel erg veel druk op, en raak je steeds weer teleurgesteld in dat het niet lukt. Want zo simpel is het: wij kunnen de wereld niet redden.
Op de website van het Wereld Natuur Fonds kun je een testje invullen waarmee je je ecologische voetafdruk berekend. Kort gezegd: het vertelt je hoeveel aardbollen er nodig zijn als elk mens op aarde net zo’n levensstijl zou hebben als jij. Ik heb me bij die test milieuvriendelijker voorgedaan dan ik ben, om eens te zien hoe ver je zou kunnen komen. Ik heb dus ingevuld dat ik nooit zuivel gebruik, geen druppel, in een klein appartement woon en op fietsvakantie ga. Daar is geen woord van waar. En toch kom ik er nog altijd op uit dat er anderhalve aardbol nodig is als iedereen net zo leeft als ik. De wereld redden – dat is dus onbegonnen werk!
Maar als christen kun je veel ontspannener groen leven: niet om het resultaat, maar om God te eren! Laat het maar aan God over dat deze wereld niet naar de vernieling gaat. Het goede nieuws van Jezus is ook goed nieuws voor de aarde. Romeinen 8: ‘de schepping zelf zal worden bevrijd uit de slavernij van de vergankelijkheid en zal delen in de vrijheid en luister die Gods kinderen geschonken wordt.’ Laat de redding van de planeet dus maar aan Jezus over – en aanbid hem door goed voor de aarde te zorgen.
3. Omgekeerde collecte
Maar waar begin je dan? Juist omdat de redding van de wereld er niet vanaf hangt, mag je beginnen met kleine stapjes.
Om je daarbij te helpen, houden we zometeen een omgekeerde collecte. De collectezak gaat voorbij, maar in plaats van dat je er iets in doet, haal je er iets uit. Een groene uitdaging, om precies te zijn. Ze zijn afkomstig van Micha Nederland, en op hun website kun je er meer informatie over vinden. Probeer die uitdaging 1 week vol te houden – dat is alles. Als het je goed bevalt, mag langer natuurlijk ook. En als meerdere gezinsleden verschillende kaartjes pakken: kies er dan 1 uit die je samen gaat doen – en natuurlijk niet de gemakkelijkste!
Doe het niet omdat het moet, omdat de regels het voorschrijven. Ook niet omdat je geen spelbreker wilt zijn. Ik ga echt niet controleren of jullie er wat mee doen. Maar zie deze uitdaging als een kans, een concrete handreiking, om Jezus ook in dit stukje van je leven te aanbidden. Amen.
